Het nieuwe leren (2)
De discussie over “het nieuwe leren” vult ook de kolommen van de Volkskrant (nogal chagrijnige stukjes van Martin Sommer) en Trouw en ook op het Internet is het nodige te vinden. Het lijkt nogal een zwart-witdiscussie, je gelooft erin of niet. Een aantal principes van het nieuwe leren: de leerling actiever bezig laten zijn, het samen en van elkaar leren, leerlingen meer verantwoordelijk maken voor hun eigen leerproces en het leren in een meer authentieke omgeving, lijken me hoognodige vernieuwingen. Door tegenstanders wordt daar een karikatuur van gemaakt: leerkrachten mogen alleen nog maar coachen, leerlingen moeten zelf maar aangeven wanneer ze iets willen leren, geen boeken meer en alleen nog maar doen waar je zelf zin in hebt en vooral veel internetten…..
Daarnaast slaat men elkaar met wetenschappelijk onderzoek om de oren waaruit zou blijken dat het nieuwe leren juist wel of juist niet is gebaseerd op degelijke wetenschappelijke kennis. Al gauw vliegen de termen sociaal constructivisme en post-modern over tafel. Maar in plaats van als basis voor een gedegen inhoudelijk discussie wordt de wetenschap eerder gebruikt om gevoelens van angst en onvrede met alle vernieuwingen te verhullen of om mogelijk terechte kritiek onder het tapijt te vegen.
Daarbij helpt het niet dat er uitwassen voorkomen als sommige Iederwijsscholen of dat zweverige pseudowetenschappen als het hart-breinleren worden gepropageerd door een belangrijk onderwijsadviesbureau als APS. Zo wordt het de tegenstanders wel heel makkelijk gemaakt.
Een veel leukere relativering van het nieuwe leren is de column die Bart FM Droog uitsprak tijdens het DwarsDiepdebat van 30 september.
